Personal Pacing Amsterdam Marathon

Het viersterrenhotel in hartje Amsterdam herbergt 20 marathonlopers en fans uit Israël. Een van hen heeft mij ingehuurd als pacemaker. Als ervaren marathonloper met tempogevoel is er een markt voor het betere haaswerk ofwel tempo maken ofwel pacemaker. Via www.touristrunamsterdam.com ben ik nu voor de tweede keer ingehuurd om dat te bewijzen. Ik ontmoet mijn klant in de lobby. Hier wordt de strategie vastgesteld die moet leiden tot een eindtijd van 4;15. Dat is een kwartier sneller dan het huidige per- soonlijk record van Mister Jones. Ik pak de tussentijdentabel erbij en vertel hem dat ik 6;03 per km zal lopen. Hij vraagt mij om er 5;55 van te maken. ‘ Want later in de marathon kan hij het lastig krijgen en dan heeft hij de op- gespaarde minuten hard nodig’. Ik werk bij een bank. Alles wat je ‘leent’ be- taal je met rente terug (dit zeg ik terwijl ik altijd te hard ben gestart in mijn marathons en altijd rente heb betaald). We sluiten een compromis op 6;00. Ik wil weten wat ik moet doen als hij door anderen wordt meegesleurd. Hij belooft me plechtig bij mij te blijven. Dan het voedingsplan. Om de 45 minu- ten een gel en ieder uur 3 zouttabletten. Bij de drankstations een energy drink. De lobby stroomt vol met de andere marathonlopers. Mister Jones pronkt nog even met zijn haasje en we maken een communicatieplan.

Op de dag des oordeels sta ik om 07;30 voor zijn hotel. De beloofde taxi’s blijven weg. We staan met 21 man op tram 16 te wachten maar de eerste twee rijden tjokvol voorbij. We bestormen een tram die de andere kant oprijdt om verderop een legere tram te kapen. Op het Spui wordt een poging on- dernomen de wisseltruc te doen, maar deze tram rijdt voor ons neus weg. De volgende halte is slechts 250 meter verderop bij de Munt. Hier kan ik mijn meerwaarde bewijzen. Ik trek een sprint met in mijn kielzog de 20 ma- rathonlopers die lachend de tram binnenstruikelen. In de tram wordt gehost en worden liederen gezongen. Marathonhooligans.
Een rij voor de Dixies, een rij voor het stadion, een rij voor het vak. Ik herin- ner mij de Amsterdam Marathon van ruim 20 jaar terug met start en finish op de Dam. Slechts een paar duizend man die zich onderweg overstekende trams en honden moesten getroosten. Scheldende grachtengordeldieren zijn de enige constante factor.

Bij de start blijk ik nog een dame te mogen begeleiden, dus nu heb ik twee klanten. Ik dring mijn tempo op en ze blijven keurig in het gelid. 6;01, 5;58, 6;03, 5;57. We lopen als een klokje! Ai, daar is de eerste drankpost. Ener- gydrink voor hem, een flesje water vullen voor haar. Dat valt mee. Na drie kwartier de eerste gel. Over 15 minuten de zouttabletten. Ik bel de familie dat alles goed gaat en schiet wat video’s en foto’s. De vrouw loopt steeds een meter achter de man. Beiden zijn vrolijk en energiek. 10km: eerst de zouttabletten, dan krijg ik een leeg flesje van Miss Davids. Ik vul twee lege flesjes (met schroefdop), pak een beker energydrank en drink er zelf ook eentje, pak nog twee sponzen en ga op zoek naar mijn klanten die inmiddels 300 meter verder zijn en zet de achtervolging in met schuddend bekertje energy en twee sponzen. Mijn hartslag gaat van 106 naar 140. Dankbaar nemen ze het in ontvangst. Later bedenk ik dat ik beter vooruit kan sprinten en de beker energy buiten de massa kan aanreiken en vervolgens de flesjes vul. Dan hoef ik niet met de beker te rennen. Daar komen wel twee bananen voor in de plaats. Halverwege de marathon begint de vrouw te zingen. Ze heeft een iPod in en begint zelfs te dansen. De man begint steeds zorgelijker te kijken. Ik ga schuin voor hem lopen om zelfs het kleinste briesje te blokkeren. Mijn klant loopt met zorgelijk gezicht maar uit de wind. Ik bel de familie en geef door dat we nog steeds op schema liggen. Ik zie dat een maat een woordje heeft gespeeld met wordfeud en geef per chat door: ‘ben een mafaton aan t rwnnwn’. Mijn benen doen het beter dan mijn vingers. We lopen nog steeds op schema. Ik bel het door aan de familie en ren steeds bij de meest pittoreske plekjes vooruit om mijn klanten in het voor- bijgaan te filmen. De man begint echter steeds meer te haperen als we van- uit Oost het Centrum inlopen. Nu moet ik hem er doorheen slepen. Ik start met de opmerking: This 7k is our little project and we are going to deliver as planned!’ . Ik gooi er een schepje bovenop: ‘ Com’ on! You got it man! You are a fighter! I can see that. En als hij weer inzakt: Stay with me Mr Jones, don’t you loose me!’. In het Vondelpark begint hij echt te worstelen en roep ik ‘This is what you trained for! All these months of suffering and sacrifice were done for this moment only, Mr Jones! We will not go down without a fight!’
Het stadion nadert. Ik bel de familie dat we eraan komen. Bij de 40 km pak- ken we niets meer aan. Onzin. Die laatste 2 km doen we ‘op de speaker’. Mr Jones en Miss Davids rechten hun ruggen, tasten diep in hun reserves en geven nog één keer alles. Eindtijd 4;15 exact! Mission completed. Ieder- een gaat met iedereen op de foto en ik duik naar de voeten om de chips te ontveteren. Ben ik niets te goed voor. Het leven van een pacemaker bestaat uit zorgen en ontzorgen. Alleen het rennen zelf kan ik niet overnemen.

Biertje

PS De namen van zowel Mr Jones als Miss Davids zijn fictief.

One thought on “Personal Pacing Amsterdam Marathon

  1. Mike Peuchen

    Mooi verhaal! De Emile Ratelband van de Marathon 🙂

Comments are closed.